Stadse Moeders

Hasselbraam

hasselbraam

Die stacaravan waar ik het over had. Die ik wilde kopen op de Veluwe, omdat Sonja die kant op verhuisd is. Die dus. Die hebben we dus meeteen maar gekocht.

Alsof het een pakje boter en een halfje melk is dat je even bij de supermarkt ‘haalt’ (ik hou er niet van als mensen zeggen dat ze iets halen in een winkel. Je kóópt iets in een winkel). Zo terloops kochten wij even de perfecte stacaravan op de perfecte plek. Hoppakee.

In het echt is het dus best moeilijk om een leuke stacaravan op een leuke plek te kopen. Zoiets gaat vaak via de campingeigenaar die de mooiste plekken gunt aan zijn favoriete seizoensplaatshuurders. Incrowd gedoe enzo. Maar dat wist ik niet. Welnee. Ik was gewoon op een ochtend belachelijk vroeg wakker en ik opende de Marktplaats app. En daar stond ‘ie: onze stacaravan op de Veluwe. Half slapend stuurde ik een bericht naar de eigenaresse. Dat we serieuze interesse hadden. Vriend lag niets vermoedend naast mij te slapen.

Maar twee weken later stonden we dus wel mooi op die groene camping naar die ‘Prachtige Luxe Stacaravan’ van Marktplaats te kijken. Er was echt helemaal niets mis mee. Niet met de plek, niet met de stacaravan, niet met de camping. We zochten naar de adder onder het gras en vonden hem niet. We zagen alleen maar vogels en eekhoorns.

Vriend en ik keken elkaar verbaasd vrolijk aan en polsten nog even bij zoon of hij het ook zag zitten. Zoon liet weten dat hij zijn kamertje in de caravan wel leuk vond, maar dat hij er wel erg weinig kastruimte had. Maar we mochten de caravan toch wel van hem kopen. Dus dat deden we.

Bij de receptie van de camping bleek dat de eigenaresse de caravan eigenlijk niet zomaar mét recht op de plek mocht verkopen. Wij waren tenslotte geen incrowd, we stonden nergens op een lijst en we waren überhaupt nog nooit op deze camping geweest. Vreemd volk, dat waren we. De norse campingeigenaar mopperde wat en keek ons kritisch aan. Wij lachten lief en onschuldig. De campingbaas keek nog steeds nors, maar besloot toch maar akkoord te gaan. Sindsdien zijn wij de trotse eigenaar van een beige stacaravan. Helemaal beige. Van binnen en buiten. En we hebben nu dus een tuin. Met gras dat we moeten maaien, bladeren die we moeten harken, een heg die we vast een keer moeten snoeien en vogels die we kunnen voeren. Wat willen we nog meer? Mazzelkonten, dan zijn we.

Het enige wat er nog ontbrak was een naam voor onze beige vriend. Na een paar dagen broeden schoot hij me opeens te binnen: De Hasselbraam. Ja. Precies. Uit Pluk van de Petteflet. Iedere volwassene die hasselbramen eet laat al het werk liggen en gaat spelen als een kind. Dat is exact waar die caravan voor bedoeld is: buiten spelen in het bos. Want er moet altijd meer gespeeld worden.