Stadse Moeders

Plak

Het kost mij altijd de grootste moeite en veel tijd om mijn zoon bij de opvang op te halen. Niet dat ik er geen zin in heb, nee ik kan niet wachten. Ik moet me altijd inhouden om hem niet vroeger op te gaan halen. Dat doe ik maar niet omdat hij dat helemaal niet leuk vindt.

Waar andere kinderen hun ouders om de hals vliegen zodra ze binnenkomen, negeert mijn kind me vaak volledig als hij me ziet. Hij doet gewoon alsof ik er niet ben, hij kijkt dwars door me heen. Als ik hem dan voorzichtig enthousiast benader dan geeft hij me onmiddellijk te verstaan dat hij niet naar huis wil en nog wil spelen. Vooral als hij buiten aan het rondrennen is met zijn beste vriend, dan kost het me verdomd veel overredingskracht om hem mee te krijgen. Ik loop als een soort sul achter hem aan door de speeltuin en opper allerlei leuke dingen die we thuis kunnen gaan doen. Maar nee. Hij wil gewoon niet naar huis. Hij wil blijven. Dat is natuurlijk een goed teken, die jongen heeft het op de opvang duidelijk naar zijn zin.

Als ik zoon op zomerse dagen ophaal dan is het nog leuker. Dan is hij namelijk bedekt met een klassieke combinatie: zonnebrandcrème en zand. Hij is klam plakkerig, ruikt vies zoetig en heeft werkelijk overal zand zitten. Dat knuffelt niet zo heel lekker moet ik zeggen. Het schuurt en ruikt vreemd. Eigenlijk is een bad of douche dan de beste oplossing, maar zie een moe en hongerig kind dat eigenlijk niet naar huis wil maar eens onder de douche te krijgen. Soms gaan we die uitdaging maar even niet aan.

Sja, plakkende kinderen. Die kennen we allemaal wel. Of plakkende kinderen met snotneuzen, nog leuker. Tegenwoordig hebben we voor dat soort gevallen toetenvegers en smoelenlappers en poets je toet doekjes en vochtige washandjes uit een pakje. Maar vroeger niet. Toen was dat helemaal niet nodig. Toen plakten kinderen niet. Ja wel, kinderen plakten toen ook. Maar dat werd heel eenvoudig opgelost.

Mijn oma had altijd een plastic zakje bij zich met daarin een fris nat washandje. Na een ijsje, boterham met chocopasta of banaan ging er een natte lap over kop en voorpoten (want zo noemde ze dat) en klaar was Kees. Niks geen wegwerpdoekjes met zoete parfumtroep waar je kind van naar kauwgom gaat ruiken. Gewoon een natte washand met water. Wat een uitvinding!

Terwijl ik dit blogje tik ligt er naast de laptop op tafel een net nieuw aangebroken pak toetenvegers. Maar waarom eigenlijk? Omdat ik te lui ben om naar de badkamerkast te lopen om een washandje te pakken. Best gênant eigenlijk. Misschien moet ik de washandjes in de keuken bewaren, dan is dat probleem ook weer opgelost.