Mama, je kletst uit je nek.
Ja ja, het zal je maar gezegd worden door je eigen kind. Zoon is nog geen vier, maar hij heeft het al dondersgoed in de gaten als ik, eh, uit mijn nek klets. Ja. Ik jok want ik ben moeder.

Soms lieg je als ouder tegen je kind. Omdat dat handig is. Omdat je je kind af en toe nog een beetje wil beschermen tegen de grote boze wereld. Om het te behoeden voor een enorme teleurstelling. Omdat je even lui bent en geen zin hebt. De waarheid verdraaien is soms gewoon even verdraaid handig.

Voordat je kinderen krijgt denk je niet echt na over liegen tegen je kroost. Ja, je kent de landelijke collectieve leugen die Sinterklaas heet, maar verder lijkt het niet per se nodig. Totdat je kind begint te praten en te begrijpen en je de oren van het hoofd vraagt en mooie plannen verzint op onmogelijke momenten. Dan sta je af en toe met je handen in het haar en hoor je jezelf uit het niets klinkklare onzin verkondingen. Naast je hoor je je partner de onzin die je net hebt uitgekraamd nog even nadrukkelijk bevestigen om je kind er van te overtuigen dat het echt waar is wat je zegt.

Dat jokken gebeurt niet vaak, maar ik voel me er toch niet altijd prettig bij. Dat komt natuurlijk ook doordat zoon ouder wordt en steeds meer begrijpt. Hij laat zich niet zomaar meer iets wijsmaken en weerlegt rustig wat ik zojuist bij elkaar heb gejokt. En net nu ik me dat allemaal begin te realiseren en aan het minderen ben, ontdekt zoon dat hij ook kan jokken. Veel leuker dan de waarheid vertellen. De waarheid is maar gewoon en saai. Lekker jokken over de kleinste kleinigheid. Gewoon omdat het kan. Net als mama.

Ja, daar sta je dan met je principes. Lekker het goede voorbeeld geven enzo. Als troost sluip ik naar de keuken en steek ik stiekem een stuk chocola in mijn mond.
Mam, wat eet je?
Een stukje appel, wil je ook een appel?

Ai… daar ga ik weer.